KNM – thema opvoeding en onderwijs -4

Voor mijn leerlingen!

Je moet voor het KNM-examen echt heel veel dingen over de Nederlandse maatschappij weten. Denk niet, dat het KNM-examen makkelijk is. Dat is het niet! Probeer daarom de teksten uit je boek en van de papieren goed te leren!

Dit leren gaat gemakkelijker als je heel veel vragen over de teksten kunt beantwoorden. Leer de vragen niet alleen maar uit je hoofd. Probeer ook goed te begrijpen wat je als antwoord op een vraag geeft. Zo kun je ook andere vragen in een KNM-examen goed beantwoorden, omdat je de teksten goed hebt geleerd.

Deze vragen hieronder gaan over het thema Opvoeding en Onderwijs.

Teksten 1, 2 en 3 over kinderen en verantwoordelijkheid

1) Wat is verantwoordelijkheid?
Je bent verantwoordelijk of je hebt verantwoordelijkheid als je goed voor iets of iemand moet zorgen.
Bijvoorbeeld ouders zijn verantwoordelijk voor hun kinderen.

2) Wat is aansprakelijkheid?
Je bent dan verantwoordelijk voor wat er gebeurt en je kunt aangesproken worden om voor de betaling te zorgen.
Bijvoorbeeld als je kind een raam stuk maakt bij de buren. Het raam wordt dan weer gemaakt door de schilder. Jij moet dan de rekening van de schilder voor de buren betalen.

3a) Tot welke leeftijd zijn de ouders altijd aansprakelijk voor hun kinderen?
Voor de kinderen van 0 tot 14 jaar.

3b) Tot welke leeftijd zijn de kinderen zelf aansprakelijk, maar soms ook de ouders?
Voor de kinderen van 14 tot 18 jaar.

3c)
Op welke leeftijd is een kind zelf aansprakelijk voor de dingen die hij/zij doet?
Vanaf 18 jaar.
Als een kind van ouder dan 18 iets stuk maakt, moet hij/zij zelf de schade betalen.
Als een kind van ouder dan 18 jaar schulden maakt, moet hij/zij deze schulden zelf betalen!

4) Opvoeden van kinderen is best moeilijk. Waar kan je hulp vragen bij het opvoeden van je kind, als je het alleen niet meer weet?
De huisarts: je kunt met de huisarts over een probleem praten.
Bureau Jeugdzorg: je kunt hier grote en kleine problemen bij de opvoeding van je kind bespreken. Bureau Jeugdzorg kan je dan helpen het probleem op te lossen.
Het Ouder- en Kind Centrum (OKC): Het OKC geeft informatie over opvoeden. Het geeft ook cursussen waarmee je leert om kinderen beter op te voeden.

5a) Ouders in Nederland moeten betrokken zijn bij hun kind op school. Wat is dat?
Dat betekent dat ouders meedoen en weten wat er op school met het kind gebeurt.

5b) Hoe kan je in Nederland betrokken zijn bij de school van je kind?
Je gaat naar de gespreksavonden op school. Je spreekt daar de docent/leraar van je kind.
Je hoort of het goed gaat met je kind óf dat er misschien problemen zijn.

6a) Wat is een ouderavond?
Op school zijn er een paar maal per jaar ouderavonden.
Je krijgt op deze avonden informatie over verschillende dingen en je kunt vragen stellen.

6b) Over welke onderwerpen kan je op een ouderavond informatie krijgen?
Over pesten, internet voor het kind, wat te doen bij een probleem met het opvoeden.

7) Bij welke dingen kan je als ouder helpen op school?
Bij lezen en voorlezen, knutselen (is leuke dingen maken), Sinterklaas, schoolreisje of excursie.

Binnenkort komen er nog meer vragen met antwoorden. Dan gaat het over het thema “instanties”, zoals bijvoorbeeld de politie, de gemeente of de belastingdienst.
Veel succes alvast bij het leren voor KNM of Kennis Nederlandse Maatschappij.

Advertenties

KNM – thema opvoeding en onderwijs-3

Voor mijn leerlingen!

Je moet voor het KNM-examen echt heel veel dingen over de Nederlandse maatschappij weten. Denk niet, dat het KNM-examen makkelijk is. Dat is het niet! Probeer daarom de teksten uit je boek en van de papieren goed te leren!

Dit leren gaat gemakkelijker als je heel veel vragen over de teksten kunt beantwoorden. Leer de vragen niet alleen maar uit je hoofd. Probeer ook goed te begrijpen wat je als antwoord op een vraag geeft. Zo kun je ook andere vragen in een KNM-examen goed beantwoorden, omdat je de teksten goed hebt geleerd.

Deze vragen hieronder gaan over het thema Opvoeding en Onderwijs.

Tekst 1&2 over vervolgonderwijs

1) Hoe oud ben je meestal aan het eind van de middelbare school?
16, 17 of 18  jaar.

2a) Wat kan je doen met een diploma van de middelbare school?
Je kan naar het vervolgonderwijs.

2b) Noem eens 3 soorten vervolgonderwijs.
mbo, hbo en universiteit.

3a) Vertel iets over het mbo.
Het mbo duurt 4 jaar.
Je leert veel praktijk en minder theorie.
Je leert een echt beroep.

3b) Noem een aantal beroepen dat je kan worden op het  mbo.
buschauffeur, kok, kapper, administratief medewerker.

3c) Waar kan je een mbo-opleiding volgen?
Aan een ROC. (= Regionaal OpleidingsCentrum)

4a) Vertel iets over het  hbo.
Het hbo duurt 4 jaar.
Je leert een beetje praktijk en meer theorie.

4b) Noem een aantal beroepen dat je kan worden op het  hbo.
verpleegkundige, fysiotherapeut, leraar, manager, journalist.

4c) Waar kan je een hbo-opleiding volgen?
Op een hogeschool. Er zijn ongeveer 40 hogescholen in Nederland.

4d) Met welk diploma kan je naar het hbo?
Met een havo-diploma of met een  mbo-diploma.

5a) Vertel iets over de universiteit.
De opleidingen zijn wetenschappelijk.
Dat betekent er is veel theorie en weinig praktijk.
De studie aan de universiteit duurt meestal 4, 5 of 6 jaar.

5b) Welke beroepen kan je worden met een universitaire opleiding?
arts, advocaat, tandarts, rechter.

5c) Hoeveel universiteiten zijn er in Nederland en kan je ook een paar steden noemen waar een universiteit is?
Er zijn ongeveer 10 universiteiten in Nederland, bijvoorbeeld in Leiden, Amsterdam, Groningen, Utrecht, Nijmegen.

6) Hoe kun je je inschrijven voor een vervolgopleiding?
Voor het mbo: bij een ROC.
Voor het hbo of universiteit: bij DUO (http: www.duo.nl)

7a) Wat is studiefinanciering?
Geld dat je van de overheid/staat krijgt om je vervolgopleiding mee te betalen.

7b) Voor welke opleidingen krijg je studiefinanciering?
Voor de universiteit, het hbo of het mbo (als je 18 jaar of ouder bent).

7c) Welke instantie regelt de studiefinanciering?
Het DUO.

8) Kunt je ook studeren als je volwassen bent? Wat kan je erover vertellen?
Ja, je kunt dan ook studeren. Het is wel vaak duurder. Ook zijn er andere regels voor toelating.

Binnenkort volgen er meer vragen en antwoorden over het thema Opvoeding en Onderwijs. We gaan het dan hebben over de opvoeding van kinderen.

vreemde vogels….

vreemde vogels (c)uilentaalGekiekt bij ons achter! Twee vreemde vogels…… Ik weet in ieder geval niet van welke soort deze exemplaren zijn. Ze zitten er nu al een paar dagen met z’n tweeën in het talud. Ik weet niet of ze wild zijn of dat ze misschien gewoon tam zijn en ik kan het ze ook niet vragen ;).
Of misschien zijn ze door een of andere onverlaat in de vakantietijd hier gedumpt?! Of misschien horen ze gewoon bij een van de huizen tegenover het watertje waarbij ze bivakkeren. Heel schattig zo samen zijn ze zeker!

apenboom

Ik ben weer helemaal gelukkig, want ik ontdekte een pracht van een boom voor mijn balkonbos ;).
In de tuin bij het vakantiehuisje waar we enige tijd geleden verbleven, stond nl. een zg. apenboom -ook wel slangenden genaamd- mét zaadbollen erin! De zaadbollen zaten zowaar óp de tak en waren rijp. De bollen waren bruin en de zaden gedeeltelijk afgevallen. Heel bijzonder!

Nu heb ik ruim 20 zaden meegenomen om op mijn balkon in een bak uit te zaaien. Ik ga maar gewoon proberen om ze op te kweken en hoop van harte op termijn (wanneer??) echte apenboomzaailingen te hebben! Wordt hopelijk vervolgd :).

schrijfopdracht -stuur een e-mail-4

Voor mijn leerlingen!

Op jullie verzoek: een nieuwe schrijfopdracht zoals je deze ook op het examen kunt krijgen!

Hoe was het ook al weer? Even herhalen:
Een e-mail, briefje of kaartje bestaat uit drie delen: 1) de aanhef, 2) de inhoud en 3) het slot.
Wil je dit eerst nog weer even herhalen of wil je meer over e-mails, kaartjes en briefjes schrijven leren, kijk dan hier!!

Lees nu eerst de opdracht goed door, schrijf daarna de e-mail.

Opdracht:
Je moet jouw huurtoeslag voor het eerst aanvragen en je wilt het snel ontvangen, daarom doe je het via Vluchtelingenwerk in jouw gemeente. Schrijf een e-mail aan de heer Piet Janssen van Vluchtelingenwerk.

– schrijf (bedenk zelf) het e-mailadres van Vluchtelingenwerk in de mail;
– schrijf een “betreft” of “onderwerp”-regel in de mail.

1) Schrijf de aanhef (dus: lieve….. / beste…… / geachte mevrouw, geachte heer…..)

2) Schrijf de inhoud van de e-mail.
Vraag om een afspraak met de heer Janssen om samen de huurtoeslag versneld aan te kunnen vragen. Schrijf op welke dagen je wel en op welke dagen je beslist niet kunt. Vraag om een dag en tijdstip waarop de heer Janssen jou kan ontvangen.

3) Schrijf het slot (dus: groetjes / liefs / met vriendelijke groet, ………..)

Succes! Lever het gemaakte werk bij mij in en ik kijk het voor je na!

schrijfopdracht – stuur een e-mail-3

Voor mijn leerlingen!

Op jullie verzoek plaats ik hier een nieuwe schrijfopdracht zoals je deze ook op het examen kunt krijgen.

Hoe was het ook al weer?
Een e-mail, briefje of kaartje bestaat uit drie delen: 1) de aanhef, 2) de inhoud en 3) het slot.
Wil je dit eerst nog weer even herhalen of wil je meer over e-mails, kaartjes en briefjes schrijven leren, kijk dan hier!!

Lees nu eerst de opdracht goed door, schrijf daarna de e-mail.

Opdracht:
Je wilt beter Nederlands leren praten en nieuwe mensen leren kennen buiten school. Dat kan door een goedkope activiteit te gaan doen. Hiervoor kan je in Nederland het Welzijnswerk om informatie vragen. Het Welzijnswerk in jouw gemeente heet “SamenLeven”. Stuur een e-mail.

– schrijf (bedenk zelf) het e-mailadres van het Welzijnswerk in jouw gemeente in de mail;
– schrijf een “betreft”/ onderwerp-regel in de mail.

1) Schrijf de aanhef (dus: lieve….. / beste…… / geachte mevrouw, geachte heer…..)

2) Schrijf de inhoud van de e-mail.
Vraag welke goedkope activiteiten er in jouw gemeente worden aangeboden en waar en wanneer deze activiteiten plaatsvinden. Vraag hoeveel de activiteiten kosten en vertel waarom het niet duur mag zijn. 
Vraag ook of je zelf voor spullen moet zorgen.

3) Schrijf het slot (dus: groetjes / liefs / met vriendelijke groet, ………..)

Succes! Lever het gemaakte werk bij mij in en ik kijk het voor je na!

schrijfopdracht – stuur een e-mail-2

Voor mijn leerlingen!

Op jullie verzoek plaats ik hier nog weer een nieuwe schrijfopdracht zoals je deze ook op het examen kunt krijgen.

Hoe was het ook al weer?
Een e-mail, briefje of kaartje bestaat uit drie delen: 1) de aanhef, 2) de inhoud en 3) het slot.
Wil je dit eerst nog weer even herhalen of wil je meer over e-mails, kaartjes en briefjes schrijven leren, kijk dan hier!!

Lees nu eerst de opdracht goed door, schrijf daarna de e-mail.

Opdracht:
Je wilt leren zwemmen. Je kunt in jouw woonplaats leren zwemmen in Zwembad “De Kikkerpoel”Stuur een e-mail waarin je vraagt om informatie.

– schrijf (bedenk zelf) het e-mailadres van het zwembad in de mail;
– schrijf een “betreft”/ onderwerp-regel in de mail.

1) Schrijf de aanhef (dus: lieve….. / beste…… / geachte mevrouw, geachte heer…..)

2) Schrijf de inhoud van de e-mail, waarin je vraagt wanneer de zwemlessen voor diploma A zijn. Vraag ook hoeveel het kost,  of het zwemmen gemengd is, of er aparte uren voor vrouwen zijn en of vrouwen in een burkini mogen zwemmen.

3) Schrijf het slot (dus: groetjes / liefs / met vriendelijke groet, ………..)

Veel succes! Wil je dat ik het nakijk, geef jouw e-mail dan aan mij in de les.

een “lieve link” – boekvertalers

In de navigatiebalk op de site zie je naast mijn “uilen”, mijn “taal” en “mijn andere dingen” ook een lijst met linkjes. Het zijn verwijzingen naar sites waarvan ik de inhoud interessant, gezellig, handig, de moeite waard of gewoon grappig vind. Mijn lievelingen onder de linkjes zogezegd; “mijn lievelinkjes”.

In deze serie lees je telkens wat meer over één zo’n “lievelinkje”. Ik promoot ‘m een beetje ;) en vertel waarom ik er iets mee heb.

Vandaag wat meer over boekvertalers, een blog van een aantal vertalers van fictie- en non-fictieboeken.

uit: De ruimte van Sokolov/Sokolows Universum, Leon de Winter, vert. dr. Sibylle Mulot. (c)Uilentaal. Klik op de foto om de vertaling te lezen.

uit: De ruimte van Sokolov/Sokolows Universum, Leon de Winter, vert. dr. Sibylle Mulot. (c)Uilentaal. Klik op de foto om de vertaling te lezen.

Wanneer je van twee talen houdt, dan denk je al snel aan vertalen. Zo ook ik, dus ik verdiepte me wat meer in mijn zg. tweede taal (het Duits). Mijn beroep is het nooit geworden, ik vind het gewoonweg te eenzaam, teveel “ik en mijn computer” alleen op een zolderkamertje driehoog achter.

Wel blijft het mij boeien hoe Duitse boeken naar het Nederlands vertaald zijn. En natuurlijk andersom; hoe leest een Maarten ’t Hart, een Leon de Winter of….. Het Bureau van Voskuil in het Duits?! Ik verzamel dergelijke vertalingen graag :)! Nog interessanter wordt het, wanneer er van een boek meerdere vertalingen zijn, dan heb ik wat na te pluizen :) !!

Deze site vertelt over het vertalersvak en over het boekvertalersvak in het bijzonder. Het vak dat zo onderbelicht is, slecht betaald en vaak nog slechter begrepen wordt. En, oh ja…. die vertaling moet natuurlijk wel gisteren af! ;)

Veel plezier op boekvertalers.nl.

KNM – thema opvoeding en onderwijs-2

Voor mijn leerlingen!

Je moet voor het KNM-examen echt heel veel dingen over de Nederlandse maatschappij weten. Denk niet, dat het KNM-examen makkelijk is. Dat is het niet! Probeer daarom de teksten uit je boek en van de papieren goed te leren!

Dit leren gaat gemakkelijker als je heel veel vragen over de teksten kunt beantwoorden. Leer de vragen niet alleen maar uit je hoofd. Probeer ook goed te begrijpen wat je als antwoord op een vraag geeft. Zo kun je ook andere vragen in een KNM-examen goed beantwoorden, omdat je de teksten goed hebt geleerd.

Deze vragen hieronder gaan over het thema Opvoeding en Onderwijs.

Tekst 3: het voortgezet onderwijs

1) Hoeveel soorten voortgezet onderwijs zijn er in Nederland?
4 soorten:
– het praktijkonderwijs;
– het vmbo;
– het havo;
– het vwo.

2) Hoe noemen we in Nederland het voortgezet onderwijs ook nog steeds?
De middelbare school.

3) Hoe oud zijn de kinderen als ze naar de middelbare school of het voortgezet onderwijs gaan?
De kinderen zijn dan 12 jaar.

4) Wat is een vmbo?
Het vmbo doet veel aan praktijk.
De kinderen werken veel met de handen.
Ze leren maar een klein beetje uit boeken.

4a) Hoe lang duurt het vmbo?
Het vmbo duurt 4 jaar.

5) Voor welke kinderen is het praktijkonderwijs?
Kinderen die leren en lezen echt niet leuk vinden.
Kinderen die leren uit boeken echt moeilijk vinden.
Via het praktijkonderwijs kan je heel snel aan het werk.

6) Wat kun je met een vmbo-opleiding?
Je kunt verder leren op het mbo. Hier leer je een echt vak, een beroep.

7) Vertel iets over het mbo.
– op het mbo leer je een beroep;
– bijvoorbeeld automonteur, kapper, timmerman; werken in een restaurant of werken met computers.

8) Wat is het havo?
– op het havo moet je veel boeken lezen;
– je leert veel theorie (dus niet veel praktijk);
– het havo duurt 5 jaar;
– na het havo kan je naar een hogere opleiding, het hbo.

8a) Wat betekent havo?
Hoger algemeen voortgezet onderwijs.

8b) Wat betekent hbo?
Hoger beroepsonderwijs.

8c) Noem eens voorbeelden van hbo-opleidingen?
– lerarenopleiding;
– verpleegkundige;
– bedrijfseconomie, commerciele economie;
– management, economie en recht.

9) Wat is het vwo?
– hier moet je ook veel boeken lezen en theorie leren;
– het vwo duurt 6 jaar;
– na het vwo kun je naar de universiteit.

9a) Wat betekent vwo?
Voorbereidend wetenschappelijk onderwijs.

10) Voor welk beroep moet je bijvoorbeeld naar de universiteit?
Dokter, rechter, advocaat.

11) Hoe moet je als ouder de juiste middelbare school kiezen voor je kind?
De basisschool weet welke middelbare school goed bij je kind past.
In groep 8 (de laatste groep) geven zij een advies.
Ook is er een schoolkeuzegids.

12) Krijgen kinderen in Nederland seksuele voorlichting?
Ja, het is een verplicht vak.
Kinderen leren over het verschil tussen man en vrouw.

13)
Waarvoor zijn er speciale middelbare scholen?
– voor kinderen met een handicap;
– voor kinderen die heel moeilijk kunnen leren;
– voor kinderen die heel moeilijk opvoedbaar zijn.

13a)
Wat is moeilijk opvoedbaar?
Een kind kan moeilijk opvoedbaar zijn als het veel problemen heeft. Een kind kan bijvoorbeeld heel snel heel erg boos zijn, of veel ruzie maken, of veel dingen niet goed begrijpen.
Dit kan moeilijk zijn in het gezin. Een kind kan dan naar het speciaal onderwijs.

Binnenkort volgen er meer vragen en antwoorden over het thema Opvoeding en Onderwijs. We gaan het dan hebben over het vervolgonderwijs, dat is het onderwijs ná de middelbare school.

gefopt!

Vasarely (c)uilentaal

Afgelopen weekend bezocht ik eindelijk eens weer een museum! En wel het Stedelijk Museum Schiedam. Ik bezoek te weinig musea en tentoonstellingen, want met een hond en sinds kort nóg een hond is het vaak een dilemma.
Er was een mooie, bijzondere tentoonstelling van zg. Op-Art, de kunst die je ogen voor de gek houdt. Gefopt word je dus! Ik heb dat altijd al een heerlijke kunst gevonden waar naar ik moét blijven kijken, omdat vermeende diepte in werkelijkheid zo plat als een dubbeltje blijkt!  Dat vind ik prachtig!  Ik had aan de andere kant van het land een aankondigingsposter achter een raam zien hangen: Eye Attack, Op-Art en Kinetische Kunst.

Hier wat meer indrukken:

En nog een item, helaas geen idee meer van wie….. :-((, bekeken vanaf uiterst rechtsvoor tot uiterst linksvoor: